ZA 07.03

19U30

Competitie

Dessel Sport - KMSK Deinze

Logo RFC Liège

RFC Liège

Stamnummer
4
Clubkleuren
rood - blauw
Website
http://www.fcliege.be
Trainer
Drazen Brncic
Stadion
Stade de Rocourt
Adres
Rue de la Tonne 80, 4000 Rocourt
Telefoon
+32 468 37 34 18

Van het wielrennen naar het voetbal

In de tweede helft van de 19de eeuw genoot de wielersport heel wat aanzien in het Luikse.
Omstreeks 1884 verenigden een stelletje wielerfanaten zich in de “Liége Cyclist’s Union”.
Opgelet, dit “Liége” is gèèn schrijffout … werd zo geschreven tot 3 juni 1946, waarop het
stadsbestuur de nieuwe schrijfwijze “Liège” officieel bekrachtigde ! Op 12 juli 1891 werd in het
“Parc de la Boverie” één van de eerste wieler-velodrooms van België geopend. Op die piste, in
het centrum van Luik en op een soort van ‘eiland’ op de Maas gelegen, debuteerde ene Robert
Protin (° 10/11/1872 - + 04/11/1953). Die zou, als amateur, 4 Belgische titels in de “sprint”
behalen en 2 Continentale titels. Hij ging dan over naar de “profs” en behaalde op 17 augustus
1895 de eerste wereldtitel snelheid op de piste ooit. Alhoewel hij tot in 1901 wielrenner zou
blijven, lag hij in de herfst van 1892 aan de basis van het ontstaan van de Luikse voetbal club.

Inderdaad, tijdens de Algemene Vergadering van de “Liége Cyclist’s Union” opperde hij het idee
om de aangesloten renners ook tijdens de stille periode, van oktober tot maart, hun conditie te
laten onderhouden. In het midden van de piste lag er immers een grasplein, waarop men zou
kunnen voetballen. Dat laatste was toen enkel een tijdverdrijf voor de Engelse werknemers van
het staalbedrijf Cockerill. Tijdens de vergadering nam Robert Protin het woord en stelde voor om
een voetbal afdeling op te richten om de wielrenners dus “iets” te laten doen in de stille periode.
Na heel wat discussies, maar gesteund door zijn vriend Georges Cheveau, kon Robert Protin zijn
metgezellen overtuigen en zodoende werd eind 1892 een voetbalclub gesticht. We laten in het
midden onder welke benaming men nu juist van start is gegaan … “ Liége Football Association”,
bron uit een boek van 1971, … “Liége Football Club”, wikipedia”, … “Football-Club Liégeois”, uit
de encyclopedie “Kroniek van het Belgisch Voetbal”.

Het speelveld was niet groot, slechts 75 meter op 25 meter, en de doelen zouden 6 meter breed
zijn geweest ! Al op 9 januari 1893 zou er een match hebben plaats gevonden tussen de “roden”
en de “blauwen”. Men diende ook op te passen bij het trappen van de bal, die wel ettelijke keren
in de Maas verdween ! Ineens meegeven dat de rood-blauwe kleuren waarschijnlijk toe te
schrijven zijn aan het feit dat enkele invloedrijke Engelsen gespeeld hadden bij het purper blauwe
Dulwich Hamlet F.C.. Omdat purper destijds moeilijk te vinden was werd geopteerd voor donker
rood. Voor de eerste officiële oefenwedstrijd trad men nochtans aan in het zwart en goud.

Die wedstrijd had plaats op 19 maart 1893 in Brussel tegen het plaatselijke “Brussels F.A.” en
eindigde in een 4 - 0 zege voor de Brusselaars. Die zouden daarna nog een paar
oefenwedstrijden spelen, maar een tweetal jaar later uit de roulatie verdwijnen. Ze kwamen ook
niet opdraven voor de terugwedstrijd in Luik, wegens een te kort aan spelers. Het speelveld op
Ten Bosch in Brussel, een publiek park in Elsene, was 200 meter lang en 100 meter breed en er
lag meer zand op dan gras. Vooral die afmetingen brachten de Luikenaars tot bedenkingen, want
tijdens een wedstrijd op “La Boverie” was de bal eens in de Maas beland en sprong een speler in
het water om het ronde ding er uit te halen. Uiteindelijk kwam die terugwedstrijd er toch, maar
ondertussen was de Luikse club van terrein veranderd, wat ook nodig was. We laten de andere
oefenmatchen voor wat ze waren en concentreren ons helemaal op de start van de competitie !

Drie titels in vier seizoenen !

Op 11 augustus 1895 werd de “Union Belge des Sports Athlériques” boven de doopvont
gehouden. Daar zaten dus clubs bij die niet over een voetbal vereniging beschikten, maar wel
aan “sport” deden. Wanneer de stichtingsvergadering nu exact heeft plaats gehad doet er feitelijk
niet meer toe, wellicht was dat begin augustus 1895. In alle geval waren de volgende clubs
aanwezig op een zeer bijzondere vergadering op 1 september 1895 … Antwerp F.C., A.A. La
Gantoise, A.R.C. de Bruxelles, F.C. Brugeois, F.C. Liégeois, Léopold F.C., R.C. de Bruxelles,
S.C. de Bruxelles, Union F.C.. Uiteindelijk ging de eerste officiële competitie in België van start op
10 november 1895 met de wedstrijd tussen Antwerp F.C. en Sporting Club de Bruxelles … het
werd 8 - 0. De Antwerpenaars kwamen nog uit in zwart-geel gestreepte truitjes … F.C. Liégeois
begon aan de competitie in het karmijnrood en donkerblauw. Vandaar ook de bijnaam “les Sang
et Marine”. In een competitie die op onregelmatige data werd gespeeld. We hebben zelfs de
indruk dat men gewoon gespeeld werd … als men kon of als dat mogelijk was !

De “Marijntjes”, zoals ze in het Nederlands genoemd worden, begonnen aan hun eerste
kampioenschap eerst in februari 1896, als de andere clubs al een aantal wedstrijden hadden
afgehaspeld. Ook meegeven dat die eerste competitie “Beker van België” werd genoemd. F.C.
Liégeois zou dat eerste kampioenschap uiteindelijk domineren en overtuigend de titel in de wacht
slepen. Het verspeelde alleen punten aan F.C. Brugeois (1 - 1 at home) en verloor één wedstrijd
op verplaatsing bij Racing C.B. (3 - 2). De Brusselaars zouden een jaar later, seizoen 1896-1897,
de grootste concurrent van de Luikenaars worden en ook de titel in de wacht slepen. Een
competitie die slechts met zes clubs werd betwist, F.C. Brugeois en Union F.C. Ixelles verkozen
om niet deel te nemen, terwijl Athletic & Running Club Bruxelles er bij kwam. Dat die beginjaren
van het competitief voetbal in België uiterst moeilijk waren bewijst het feit dat de competitie 1897-
1898 door slechts vijf clubs werd betwist. Nu was Sporting Club de Bruxelles weggevallen.

Dat wil niet zeggen dat er geen clubs bijkwamen, die nochtans niet onmiddellijk actief aan de
competitie deelnamen. Weer hetzelfde scenario, er werd op onregelmatige data gespeeld en ook
nu traden er af en toe clubs niet aan. Bovendien verloor Antwerp F.C. verschillende punten omdat
het een niet gekwalificeerde speler had opgesteld ! Zo ging een knappe 5 - 2 zege tegen F.C.
Liégeois verloren … merkwaardig dat de uitslag behouden bleef maar de punten werden
toegekend aan de Luikenaars ! Die bleven in running voor de titel en zouden die ook in de wacht
slepen. Opnieuw slechts vijf clubs in het seizoen 1898-1899, de vijf zelfde trouwens. Toch
meegeven dat er intussen ook provinciale competities in het leven werden geroepen, o.a. in
Brabant, Luik en Oost- en West-Vlaanderen.

Op het hoogste niveau was F.C. Liégeois ondertussen aan zijn derde terrein toe. Van 1893 t/m
1896 kwam men uit op “Les Jardins du Château te Sclessin” ; in het seizoen 1896-1897 aan de
“Terril du Bois d’Avroy” en vanaf 1897 (tot in 1915) in Cointe op de “Plaine du Champ d’Oiseaux”.
Daar werd men in dat seizoen 1898-1899 voor de derde maal kampioen … met het maximum van
de punten. Er dient gezegd te worden dat tot driemaal toe de tegenstrever de verplaatsing naar
Luik niet ondernam ! De “Sang et Marine” zouden méér dan een halve eeuw moeten wachten op
een volgende titel ! Er wordt ook gesteld dat de titel werd betwist in een eindronde tussen F.C.
Liégeois en F.C. Brugeois, de winnaar van de reeks Oost- en West-Vlaanderen … betwist
volgens het knock-out systeem.

De Luikenaars wonnen tweemaal … 2 - 0 en 3 - 4. In principe zouden de Bruggelingen dus als
tweede geboekt moeten staan … dat was eerst zo, maar achteraf werd Racing Club Brussel als
Vice-kampioen bestempeld. Dus nemen we dat allemaal met een korreltje zout. Te meer omdat
het volgende seizoen hetzelfde zou gebeuren !

Terugval !

In het seizoen 1899-1900 eindigde F.C. Liégeois slechts op de vierde plaats. De titel ging naar
Racing Club de Bruxelles dat in een testwedstrijd met 1 - 0 van Antwerp F.C. won. Er waren nu
zes deelnemers, want Skill Club Bruxelles was er ook aan begonnen. Dat speelde op de site van
“Turn and Taxis” … waarvoor niet zo lang gelden ook plannen bestonden om er een nieuw
nationaal stadion neer te zetten. En nu ook diende R.C. Bruxelles nog een wedstrijd voor de
‘nationale eindronde’ te betwisten tegen F.C. Brugeois. De Brusselaars wonnen tweemaal 0 - 3
en 8 - 1. Die wedstrijden werden gespeeld nà die eerder vernoemde. Maar er mag toch wel
gesteld worden dat het met F.C. Liégeois de volgende jaren van kwaad naar erger ging.

Negen clubs begonnen aan het seizoen 1900-1901 in de hoogste afdeling. Antwerp F.C. was
daar niet meer bij, ingevolge de perikelen in de Stad Antwerpen met het ontstaan van Beerschot
A.C. ! Daar gaan we niet verder op in, in alle geval werden de paars-witten Vice-Kampioen, na
Racing Club de Bruxelles. Er namen nu negen clubs deel aan die competitie, want nu met F.C.
Brugeois en C.S. Brugeois en ook Verviers F.C.. De Luikse club eindigde nu op een zesde plaats.
De drie daaropvolgende seizoenen (1901-02-03-04) werd de competitie in de eerste nationale
afdeling betwist in twee reeksen, met een nationale eindronde tussen de eerste twee geplaatsten.
F.C. Liégeois greep daar telkens naast ; want 3de, 4de en 4de. Voor het seizoen 1904-1905
keerde men terug naar het vertrouwde competitie-concept. Intussen waren er al 11 deelnemers.
De, nog altijd enige, Luikse club eindigde op de vierde plaats en Union Saint-Gilloise werd voor
de tweede maal kampioen (na 1903-1904).

Ondertussen rezen de nieuwe voetbalclubs uit de grond, in heel het land. Daar waar F.C.
Liégeois in het seizoen 1904-1905 nog vierde eindigde, ontsnapte het een seizoen later aan de
degradatie. Inderdaad, vanaf het seizoen 1905-1906 werd het systeem van promoveren en
degraderen ingevoerd. Er namen tien clubs aan deel en de “Marijntjes” eindigden op de negende
plaats. Er was slechts één degradant … Beerschot A.C. viel de “eer” te beurt de eerste daler te
zijn uit de Belgische competitie ! Enkele speeldagen voor het einde werd F.C. Liégeois nochtans
op het Kiel geklopt met 8 - 1 ! Vermits er een degradant was … moest er ook een promovendus
zijn. Dat werd Sporting Club Courtraisien, dat in de eindronde van Afdeling II wel tweede eindigde
maar … ‘het tweede’ van Union Saint-Gilloise mocht niet stijgen. Inderdaad toen kwamen er
tweede elftallen uit in de nationale afdelingen ! Dat zou zo nog een tijdje aanslepen !

Op het einde van het seizoen 1906-1907 eindigden de rood-blauwen opnieuw op de negende
plaats. C.S. Verviétois was de degradant, Beerschot A.C. nam zijn verloren plaats terug in, via de
nationale eindronde. Na een zevende plaats (1907-1908), waarin er geen degradant was
ingevolge de verhoging van het aantal clubs in de hoogste afdeling (van 10 naar 12) en waardoor
C.S. Brugeois niet degradeerde, volgde een elfde plaats het seizoen daarop (1908-1909). R.C. de
Gand was de degradant, maar het seizoen werd vooral gekenmerkt door de zware 16 - 0
nederlaag die F.C. Liégeois leed bij Beerschot A.C..op 21 februari 1909. Wellicht nog altijd de
grootste score die ooit in de hoogste afdeling werd opgetekend. Op het einde van het seizoen
1909-1910 eindigt de fiere Luikse club op een twaalfde plaats en degradeert naar de nationale
bevordering, die in 1909 werd opgericht. Daarna volgt een serieuze terugval op zo’n 10 jaar tijd !

Tot op het derde niveau !

Nog voor het begin van de tweede wereldoorlog klom F.C. Liégeois nochtans terug naar het
hoogste niveau. Na een zevende plaats in de nationale bevordering (1910-1911), kampioen in het
seizoen 1911-1912. Het had daar wel een beslissingswedstrijd voor nodig, want Club Sportif
Verviétois eindigde op gelijke hoogte. Die testwedstrijd werd betwist op het speelveld van F.C.
Malinois ! De Luikenaars wonnen het pleit (1 - 0), maar beide ploegen promoveerden.

Er waren nu immers twee degradanten en twee promovendi ! Veel plezier konden de Luikenaars
niet beleven aan hun verblijf in de hoogste afdeling, want het werd een aller-retour. Men verloor,
op één wedstrijd na bij Excelsior S.C. Bruxelles (0 - 2), alle wedstrijden “away” met enkele zware
nederlagen … Beerschot A.C. (7 - 1), F.C. Brugeois (7 - 0), Daring C.B. (12 - 0) en Union Saint-
Gilloise (14 - 0). Zaken die kunnen tellen. Men eindigde op de elfde plaats en degradeerde samen
met Excelsior S.C. Bruxelles. F.C. Liégeois bracht de volgende vijf seizoen in de nationale
bevordering door, met even die onderbreking van de Eerste Wereldoorlog. Bij de “reprise” in het
seizoen 1919-1920 komen voor het eerst de drie “grote” clubs uit Luik tegenover elkaar te staan.
Tilleur F.C. wordt kampioen, Standard C.L. wordt tweede en F.C. Liégeois eindigt op de vijfde
plaats. Een jaar later (1920-1921) worden de “Rouches” kampioen en eindigen de “Marijntjes” op
de vierde plaats. Stelselmatig klimmen ze omhoog, want in 1921-1922 derde plaats en uiteindelijk
in 1922-1923 kampioen en terug naar de eerste afdeling ! Een titel die op de allerlaatste speeldag
in de wacht werd gesleept na een 2 - 4 zege bij F.C. Bressoux. F.C. Liégeois zou niet lang
kunnen genieten van zijn “eerste klasse status” !

Het werd inderdaad een “aller-retour”. Veertiende en dus laatste en terug naar de nationale
bevordering, dat toen uiteraard het tweede niveau was. Wegens het groeiend aantal voetbal clubs
werd de nationale competitie trouwens aangepast en uitgebreid met een tweede reeks
“bevordering”, dit vanaf het seizoen 1923-1924. In het seizoen 1924-1925 werd R.F.C. Liégeois,
de titel “Royal” werd hen toegekend op 17 februari 1920, ingedeeld in reeks ‘A’. Een
merkwaardige serie want A.S. Oostende en S.V. Blankenberghe waren respectievelijk in ‘A’ en ‘B’
geposteerd ! Enkele clubs uit de provincie Luik zaten dan ook weer in de andere reeks. Hoe dan
ook, er volgden nog 10 opeenvolgende seizoenen op dat niveau. Vanaf het seizoen 1926-1927
zelfs in “Afdeling I”, want er was een competitie hervorming. De hoogste afdeling werd “Ere-
Afdeling”, er kwam een “Afdeling I” bij (het tweede niveau), terwijl de nationale bevordering het
derde niveau werd waar ook een reeks werd aan toegevoegd.

De prestaties van R.F.C. Liégeois waren behoorlijk, maar niet denderend. Op het einde van het
seizoen 1930-1931 eindigde men zelfs als allerlaatste in de “Eerste Afdeling”, maar geen
degradatie … de nationale competitie werd nog eens uitgebreid ! De nationale bevordering kreeg
er een vierde reeks bij, wat ook het geval was in de Eerste afdeling. Vermits uit die “Eerste
Afdeling” alleen de twee kampioenen konden promoveren, was dat niet weggelegd voor de
Luikse club op het einde van het seizoen 1932-1933 in “1steB”, want tweede na kampioen R.
Tilleur F.C.. Drama op het einde van seizoen 1934-1935. In datzelfde “1B” werd R.S.C.
Anderlechtois kampioen ; het promoveerde, uiteraard, om nooit meer uit de hoogste afdeling te
verdwijnen. Het stamboeknummer 4, dat hen op 26 december 1926 was toegekend, eindigde op
een 13de plaats en degradeerde naar het derde niveau of dus naar de nationale bevordering.

Terug naar boven !

Ondertussen was men in 1921 van stadion veranderd. Sinds 1915 kwam men uit op een
speelveld in Renory in Angleur, maar in 1921 trok men naar de hoogte van Rocourt in het
noorden van de Stad Luik gelegen. Men zou daar bijna drie kwart eeuw verblijven. In het seizoen
1935-1936 werd R.F.C. Liégeois ingedeeld in bevordering ‘A’. Dat was een volledig ‘Waalse’
reeks. Uit de provincie Luik 10 clubs (!) … R.F.C. Liégeois (4), R.S.C. Theux (14), R.F.C.
Bressous (23), R. Fléron F.C. (33), R. Union Hutoise F.C. (76), La Jeunesse d’Eupen (108), Club
Amay Sportif (179), R.F.C. Malmundaria 1904 (188), R.C. Vottem (279) en Saint-Nicolas F.C.
(667). Verder 2 clubs uit Namen … S.R. Namur Sports (156) en Wallonia Association Namur
(173). De provincie Luxemburg leverde 2 clubs … Jeunesse Arlonaise (143) en Excelsior F.C.
Virton (200). Het was blijkbaar een spannende bedoening, want de club van Rocourt eindigde op
de vierde plaats op drie puntjes van kampioen R. Union Hutoise F.C..

Na een vijfde en een zesde plaats werd R.F.C. Liégeois tweede in bevordering ‘A’, op twee
puntjes van kampioen R. Fléron F.C.. In dat laatste seizoen (1938-1939) voor het uitbreken van
de Tweede Wereldoorlog telde die reeks ‘A’ zelfs 11 clubs uit de provincie Luik, 1 uit Brabant,
S.C. Louvain, en 2 uit Luxemburg. Merkwaardig dat op twee seizoenen tijd er toch heel wat
verandering in die samenstelling zat. En dan brak de oorlog uit !

Het officiële competitievoetbal hernam zijn rechten in het seizoen 1941-1942. In bevordering ‘D’
eindigde het stamboeknummer op een vijfde plaats, maar het volgende seizoen (1942-1943) was
het “bingo” ! Bevordering ‘A’ was samengesteld uit 16 clubs … 10 uit de provincie Luik en 6 uit de
provincie Limburg. R.F.C. Liégeois werd overtuigend kampioen met vier punten voorsprong op
F.C. Beringen. Men verloor maar één wedstrijd en speelde driemaal gelijk. Er werden 123 goals
gemaakt (!) … en dat was nog niet het maximum want Sint-Truiden V.V. lukte er 139, kreeg er 39
binnen en sloot af met dus een + 100 ! In 1943-1944 werden de Luikenaars ingedeeld in de
Eerste Klasse reeks ‘B’, met ook clubs uit de provincie Brabant (5) ; uit de provincie Antwerpen
(4), uit de provincie Limburg (3) en de provincie Luik (3). R.F.C. Liégeois werd opnieuw
kampioen, met vier punten voorsprong op R. Stade Louvaniste en het scoorde 117 doelpunten.
Vermits er geen competitie voetbal was in het seizoen 1944-1945 konden de “Marijntjes” in het
seizoen 1945-1946 van start gaan in de hoogste afdeling, … of dus de “Ere-Afdeling” !

Een dubbel !

Vooraleer R.F.C. Liégeois van start zou kunnen gaan in het seizoen 1945-1946 diende er nog
beslist te worden of dat wel volgens het reglement was. Inderdaad, want in 1942 had men in de
schoot van de bond beslist dat de clubs die tijdens de oorlog zouden promoveren … in de
afdeling zouden moeten uitkomen waarin ze zich in 1939 bevonden. Het was uiteindelijk de
Algemene Statutaire Vergadering die de knoop doorhakte, waardoor de rood-blauwen in de
hoogste afdeling mochten van start gaan … en er vijftig seizoenen zouden in verblijven ! De
Luikenaars hadden een jonge en talentvolle ploeg die stelselmatig progressie maakte. De
bekendste spelers waren uiteraard Louis Carré en Pol Anoul. Men eindigde in ‘eerste’ steevast in
de linker kolom van de rangschikking, in 1947-1948 zelfs derde. De toonaangevende ploegen
waren R.F.C. Malinois, met twee titels (1946 en 1948) en R.S.C. Anderlechtois met vier titels
1947, 1949, 1950 en 1951). Maar de Luikenaars eindigden toch op een derde plaats in 1947-
1948 en op een vierde in 1950-1951. Vooral dat laatste seizoen was uitermate spannend.

Hoewel R.S.C. Anderlechtois en R.F.C. Malinois in het seizoen 1951-1952 weer tot de favorieten
voor de titel gerekend werden, eindigden die twee clubs respectievelijk slechts vijfde en zesde
plaats. De strijd ging meer tussen R.F.C. Liégeois, R.C. Mechelen K.M., R. Antwerp F.C. en toch
ook Union Saint-Gilloise S.R., nochtans een “promovendus”. De Brusselaars blijven tot op enkele
wedstrijden voor het einde meedoen voor de titel, maar als einde maart 1952 de thuiswedstrijd
tegen de Luikenaars op 1 - 1 eindigt zijn ze uitgeteld. Twee speeldagen voor het einde ontvangt
R.F.C. Liégeois het laag geklasseerde R. Beerschot A.C.. Ze hebben het moeilijk ... maar na een
1 - 1 gelijkspel kan het stamboeknummer ‘4’ de vierde titel uit de clubgeschiedenis vieren ! Men
totaliseerde 44 punten en eindigde met vier punten voorsprong op R.C. Mechelen K.M. en R.
Antwerp F.C.. Jozef Mannaerts van Racing Mechelen werd met 23 doelpunten topschutter voor
Rik Coppens van Beerschot. Dat werd eerst officieel voor een paar jaar. Een 2 - 4 zege van
Racing Mechelen bij Standard werd wel omgezet in een FF 0 - 5 … maar die gemaakte goals
werden toen meegeteld ! Merkwaardig ! Maar R.F.C. Liégeois dus … met een bis-nummer !

In 1952, na tal van voorbereidingen, ging de eerste grote competitie hervorming in. De Ere-
Afdeling werd terug Eerste afdeling ; de Eerste afdeling werd de Tweede afdeling ; er kwam een
derde afdeling die uit twee reeksen bestond, terwijl de nationale bevordering bleef zoals ze was,
met vier reeksen maar werd dan wel het vierde niveau ! Heel wat veranderingen dus en R.F.C.
Liégeois mocht zich dus ook de laatste kampioen van die “Ere-Afdeling” noemen. Op het einde
van het seizoen 1952-1953 werd het ook de eerste kampioen van de nieuwe “Eerste Afdeling” !

Ze hadden daar wel meer moeite voor nodig dan het jaar ervoor. R. Beerschot A.C. en R.C.
Mechelen K.M. eindigden op respectievelijk 6 en zelfs 8 punten, maar het was “Anderlecht” dat
het meeste weerstand bood. Op 10 mei 1953 had de voorlaatste wedstrijd van de competitie
plaats. Op Rocourt, dat helemaal volgelopen was met ongeveer 40,000 toeschouwers, ontving
R.F.C. Liégeois het tweede geplaatste R.S.C. Anderlechtois ... dat één punt achterstand telde. De
“Luikse Great Old” won met 3 - 1 en werd voor de vijfde maal kampioen van België !

Terug naar af ... !

Alhoewel de Luikenaars de volgende seizoenen steeds een te duchten tegenstander was zou het
eerst tot in het seizoen 1958-1959 duren eer men weer in de titelstrijd betrokken was. Op de
laatste speeldag stonden R.S.C. Anderlechtois en R.F.C. Liégeois samen aan de leiding met
eenzelfde aantal punten. De Brusselaars hadden wel een wedstrijd minder gewonnen en vermits
het jaar voordien R. Standard C.L. op die wijze de titel in de wacht sleepte ten koste van R.
Antwerp F.C. … moest het stamboeknummer 4 hopen op een misstap van Anderlecht en zelf op
Rocourt zegevieren tegen R. Beerschot A.C.. Zo ver kwam het niet, de paars-witten versloegen
R.C.S. Verviétois (4 - 0), terwijl Club Luik niet verder kwam dan een 1 - 1 tegen de Mannekens.
Twee seizoenen later, 1960-1961, een zelfde situatie, maar nu was het R. Standard C.L. dat de
rangschikking aanvoerde. R.F.C. Liégeois stond twee punten achter op de stadsgenoot met nog
twee wedstrijden te gaan. Toen won ‘Standard’ met 7 - 0 van R. Daring C.B., terwijl rood-blauw
met 3 - 2 op de Bosuil van R. Antwerp F.C. verloor. Titel voor de Rouches.

R.F.C. Liégeois eindigde dan nog wel driemaal op een derde plaats (1966-1967, 1984-1985
en 1988-1989) maar was nooit in de strijd om de titel betrokken. Het was op 1 juli 1989 ook al van
benaming veranderd … in Royal Football Club de Liège. Maar nà 1989 ging het toch serieus
bergaf voor de Luikse glorie. Steevast terug te vinden in de tweede helft van de rangschikking en
op het einde van het seizoen 1994-1995 eindigde men allerlaatste. Op verplaatsing zelfs 16
nederlagen en één zege bij K.V. Oostende (1 - 3) … dat mee degradeerde. Niet alleen sportief,
maar ook wat de infrastructuur betreft werd het een ware ramp. In de loop van het seizoen 1994-
1995 werd het stadion in Rocourt bouwvallig verklaard en gesloten ! De Luikse “Great Old” moest
dan, in volle seizoen, op zoek naar een andere plaats en vond ten slotte de mogelijkheid om
enkele wedstrijden af te haspelen in Sclessin, het stadion van rivaal Standard, en ook in het
Kerhwegstadion in Eupen. In alle geval, degradatie naar de tweede nationale afdeling.

… tot in het vierde niveau !

Er wordt in het seizoen 1995-1996 echter niet in de tweede afdeling gestart, maar in de derde
afdeling ! Inderdaad, het stamboeknummer 4 zet een soort van fusie op poten met R. Tilleur F.C.-
Saint-Nicolas. Hierbij verdwijnt het stamboeknummer 21 van ‘Tilleur’ en blijft het stamboek-
nummer 4 van R.F.C. Liégeois, de naam was immers opnieuw alzo gewijzigd begin maart 1991,
blijft behouden. De K.B.V.B. past echter het reglement toe … niet conforme verandering van
patrimonium en het veroordeelt de Luikse club met een bijkomende degradatie. Onder de
benaming R. Tilleur Football Club Liégeois ging men in de derde klasse ‘B’ van start, in het
stadion “Buraufosse” van Tilleur. Het is een merkwaardige reeks met 11 clubs uit de provincie
Antwerpen ; 1 uit de provincie Vlaams-Brabant ; 1 uit de provincie Limburg en 3 uit de provincie
Luik. “R.T.F.C.L.” wordt overtuigend kampioen en promoveert naar de tweede nationale afdeling.

Gedurende zeven seizoenen zou men in die tweede afdeling uitkomen, zonder ooit een hoofdrol
te kunnen spelen. In het seizoen 1996-1997 was men dicht bij winst van de eerste periode, maar
op zondag 20 oktober 1996, voor 6.000 toeschouwers (!) ging het mis tegen K. Beerschot V.A.C..
De 1 - 0 winst was niet genoeg om F.C. Denderleeuw van de periodetitel te houden, want dat had
een beter doelpuntensaldo. Uiteindelijk eindigden de Luikenaars op een dertiende plaats. Een
jaar later (1997-1998) toch nog zevende maar daarna was het vechten tegen de degradatie. Na
vijf seizoenen “Bureaufosse” verhuisde men in 2000 naar de andere kant van de Maas en ging
men aan de slag in het “Stade du Pairay” in Seraing en wijzigde men de benaming in Royal
Football Club de Liège, dit vanaf 1 juli 2000. In het seizoen 2002-2003 eindigde men dat wel op
een zevende plaats, maar wegens financiële problemen kreeg men de licentie voor de tweede
nationale afdeling niet. In 2003-2004 werd er gestart in “3deB”, met een aftrek van – 3 punten !

Het seizoen werd op een veertiende plaats afgesloten, wat barrages voor het behoud betekende.
In de eerste ronde moest men het opnemen tegen White Star Woluwe (het latere en intussen
verdwenen R. White Star Bruxelles). De wedstrijd, in Seraing betwist, eindigde op 1 - 1. Er
werden blijkbaar ineens strafschoppen genomen, die White Star het best omzette … 3 - 4. Voor
het eerst in haar bestaan degradeerden “les Sang et Marine” naar het vierde niveau !

Up and down !

R.F.C. de Liège zou twee opeenvolgende seizoenen in de nationale bevordering reeks ‘D’
uitkomen, die volledig uit Waalse clubs was samengesteld. Na een negende plaats (2004-2005)
volgde een derde in 2005-2006. Die was goed voor een plaats in de “play-offs”. In de eerste
ronde werd bij U.R.S. du Centre met 0 - 2 gewonnen ; in de tweede ronde werd S.K. Lebeke-
Aalst opzij gezet na verlengingen (3 - 1). In ronde 3 werd verloren bij K. Bocholter V.V. (2 - 0), dat
naar de derde nationale afdeling promoveerde. Over het algemeen is de herkansing tussen de
verliezers ook geprogrammeerd, en toen ook gespeeld. Door het verdwijnen van K. Beringen-
Heusden-Zolder in de tweede afdeling, was die dan ook belangrijk. Bij S.K. Sint-Paulus Opwijk
werd met 0 - 2 gewonnen en dus promotie naar de derde nationale afdeling. Ondertussen was
de Luikse club nog eens verhuisd. In 2004 trok men naar het noorden van de Stad Luik, naar het
“Plaine des Sports” te Ans, waar allicht ook R.F.C. Ans uitkwam. Men zou daar tot in 2008
verblijven en er een titel vieren, want inderdaad in het seizoen 2007-2008 kampioen in “3deB” en
terug naar de tweede nationale afdeling !

In het seizoen 2008-2009 begint R.F.C. de Liège alweer op een andere locatie … namelijk in het
‘Stade de Bielmont’ in Verviers (!). Op de openingsdag, op woensdag 13 augustus 2008, ontmoet
het daar K.M.S.K. Deinze (0 - 0). Later in dat seizoen verhuist men echter terug naar Seraing en
het “Pairay stadion”. Men eindigt op een elfde plaats, maar in 2009-2010 allerlaatste en
degradatie naar de derde afdeling, gevolgd door een nieuwe degradatie in 2010-2011, waardoor
men terug in de nationale bevordering reeks ‘D’ zat ! De financiële problemen stapelden zich op
en men beslist om op vrijwillige basis in vereffening te gaan. Merkwaardig genoeg kon men in de
nationale bevordering aantreden en kon men ook het stamboeknummer 4 behouden.

De wederopstanding

Men deed het niet slecht in die bevordering ‘D’, want telkens bij de titelstrijd betrokken geweest.
Daardoor ook telkens een plaatsje in de play-offs ! Maar hoe groot de ambities ook waren, het
zou vier jaar duren eer men succes had. In 2011-2012 derde plaats, in de play-offs echter
onmiddellijke uitschakeling bij Tempo Overijse (1 - 0), dat zelf doordrong tot in de finale maar dan
door K.V.V. Coxyde werd verslagen (3 - 1). In 2012-2013 volgt een vierde plaats en een
dramatische “play off” ontknoping. In ronde 1 wordt S.K. Terjoden-Welle uitgeschakeld (2 - 0) en
in ronde 2 R.W. Walhain C.G. (1 - 2). In ronde 3 staan K.F.C. Izegem en R.F.C. de Liège
tegenover elkaar in een volgepakt stadion van Wielsbeke. Na een prangende wedstrijd haalt
K.F.C. Izegem het met 3 - 2, met als trainer Franky Dekenne en in doel Stefaan Vergote. Maar er
blijft nog een achterpoortje … ! Door het verdwijnen van K. Beerschot A.C. (het vroegere
Germinal Beerschot want met het ‘echte’ Beerschot had het niets te maken) was er een plaatsje
vrij in de derde nationale afdeling. In het magische “Dudenpark” … waar het op 29/01/1961 ooit
eens met 0 - 9 won … moest men R. Union Saint-Gilloise partij geven, dat een week eerder met 0
- 5 had verloren van K.S.K. Hasselt ! Voor méér dan 4.000 toeschouwers haalde “Union” het met
1 - 0 en bleef daardoor in de 3de nationale afdeling, R.F.C. de Liège bleef in bevordering ‘D’.

In een spannende competitie 2013-2014 werd de titel in de slotfase aan Royal Wallonia Walhain
Chaumont-Gistoux verspeeld. Nieuwe play-offs, waarin onmiddellijk verloren werd van Cité Sport
Grâce-Hollogne (1 - 3), club die daarna verder ging als R. Tilleur F.C. met behoud van het
stamboeknummer 2913. Beide clubs kwamen elkaar opnieuw tegen in het seizoen 2014-2015.
“Tilleur” degradeerde naar eerste provinciaal Luik, R.F.C. de Liège werd overtuigend kampioen
en promoveerde opnieuw naar de derde nationale afdeling. Men kwam in 2015-2016 uit in de
derde afdeling ‘B’, dit aan de vooravond van de tweede grote competitie hervorming in het
Belgische voetbal (eerste was in 1952). Ondanks een zevende plaats kon men, door de speling
van de licenties en het feit dat er twee rechtstreekse promovendi waren, alweer aan de play-offs
deelnemen, dit voor een plaats in de 1ste Klasse Amateurs. Er volgde een directe uitschakeling
… bij K. Sporting Hasselt werd het 0 - 0, maar in de rue de la Tonne te Rocourt … inderdaad men
was weer verhuisd bij aanvang van het seizoen … hielden de Limburgers het op een 1 - 1 en
waren dus ‘door’ ingevolge de away goal. Ze zouden trouwens ook promoveren !

Het werd voor het seizoen 2016-2017 dan ook 2de Klasse Amateurs A.C.F.F.. En opnieuw liep
R.F.C. Liégeois een “blauwtje op ! Inderdaad, want het verrassende R.S.C. Châtelet-Farciennes
werd kampioen met vijf punten voorsprong op de “Marijntjes”. U raadt het al … “play-offs” ! We
besparen u de hele uitleg hoe die in elkaar stak, feit is dat in de eerste ronde R.F.C. de Liège
“bye” was en het daarna moest opnemen tegen R. Olympic Club de Charleroi in “Rocourt”. Na
een hevig betwiste wedstrijd haalden de rood-blauwen het in extremis 2 - 1. De finale werd in
heen- en terugwedstrijden betwist, de tegenstrever was S.C. Eendracht Aalst. De gunstige
uitgangspositie van in de heenwedstrijd kreeg echter geen verlengstuk. In het Pierre Cornelis
stadion wonnen de Luikenaars op de valreep met 0 - 1, maar in een volledig gevuld “Stade de la
Tonne” gingen de Ajuinen met 1 - 2 zegevieren en promoveerden naar de 1ste Klasse Amateurs.
R.F.C. Liégeois bleef verweest achter in de 2de Klasse Amateurs A.C.F.F..

In het seizoen 2017-2018 werd een nieuw poging ondernomen om via de titel rechtstreeks te
promoveren. Men eindigde 2de – 28 – 21 – 3 – 4 – 68 – 30 – 66 punten. Slechts 28 wedstrijden,
inderdaad want R. White Star Bruxelles had de activiteiten gestopt ! R.W.D.M. werd overtuigend
kampioen met tien punten voorsprong en promoveergde dus naar de 1ste Klasse Amateurs. En
R.F.C. de Liège nog maar eens naar de “play-offs” verwezen ! Daarin ontving het eerst R.
Olympic Club de Charleroi in Rocourt en haalde het met 2 - 1 na verlengingen. In de tweede
ronde kwam men opnieuw uit “at home” , nu tegen U.R. La Louvière Centre … het werd 1 - 0.
Daarna moest men het opnemen in de halve finale, zoals we maar zullen stellen, tegen Mandel
United Izegem-Ingelmunster F.C. ; in heen en terug. De beide wedstrijden werden met winst
afgesloten, 0 - 2 in Ingelmunster en 1 - 0 in Luik. In de finale was K.F.C. V.W. Hamme de
tegenstrever. In Hamme kwam R.F.C. de Liège wel 2 - 0 achter maar won uiteindelijk met 2 - 4 ;
in een uitpuilend stadion aan de rue de la Tonne klaarde het stamboeknummer 4 uiteindelijk de
klus met 2 - 1. De promotie naar de 1ste Klasse Amateurs was een feit … maar … wat m.b.t. de
toekomst ? Men zal nog een heel seizoen uitkomen in dat stadion, dat feitelijk maar een
noodoplossing is. Men is immers aanpalend een stadion aan ‘t neerzetten dat moet voldoen aan
alle vereisten van het profvoetbal.

Aan de bouw van dat stadion is men echter nog steeds niet begonnen. Men zal dus nog wel een
tijdje blijven spelen in het huidige “Stade de Rocourt”. Daar werd een mooi seizoen 2018-2019 in
afgehaspeld. R.F.C. de Liège was zelfs de derde beste “home” ploeg. Uiteindelijk werd op een
verdienstelijke zesde plaats geëindigd, net voor R.F.C. Seraing, want één wedstrijd meer
gewonnen … 6de – 30 – 11 – 8 – 11 – 41 – 35 – 41 punten.

B e k e r w i n s t

R.F.C. Liégeois staat nog altijd op de tiende plaats in de Eeuwige Rangschikking van de
hoogste afdeling. Ze brachten er 67 seizoenen in door, wonnen vijf titels en eindigden driemaal
als vice-kampioen ; goed voor … 1857 m – 704w – 714v – 439x – 2817-2928g – 1847 punten.
In de Beker van België werd in het seizoen 1986-1987 de finale gehaald. Op de weg naar de
finale schakelde men in de 1/8 e finale Club Brugge uit (2 - 1 en 1 - 1) ; in de ¼ finale R.S.C.
Anderlecht (1 - 0 en 1 - 1) en in de halve finale Cercle Brugge (2 - 1 verlies in Brugge en 2 - 0
winst at home. In de finale, in het Constant Vanden Stock te Anderlecht, werd verloren van K.V.
Mechelen (1 - 0). In het seizoen 1988-1989 werd de halve finale gehaald, waarin R. Standard
C.L. de tegenstrever was. Op Sclessin werd het 0 - 1, maar de “Rouches” wonnen in Rocourt
voor 28.000 toeschouwers (!) met 1 - 2. De finale werd in het Heizel stadion betwist, R.S.C.
Anderlecht haalde het van R. Standard C.L. met 2 - 0.

Op het einde van het seizoen 1989-1990 stond R.F.C. Liégeois opnieuw in de Heizel. In de 1/8 e
finale werd derdeklasser K. Hoeselt V.V. uitgeschakeld (0 - 1 away en 6 - 1 at home) ; daarna in
de kwartfinale volgde R.S.C. Anderlecht (1 - 0 in Rocourt en 2 - 2 in het Astridpark). In de halve
finale trof men K.S.C. Lokeren, er werd tweemaal gewonnen 0 - 1 en 3 - 0. In de finale trof men
K.F.C. Germinal Ekeren. De Luikenaars konden de Beker in de hoogte steken na 2 - 1 winst. Die
zorgde in het seizoen 1990-1991 voor een deelname aan de Europabeker voor Bekerwinnaars.

E u r o p e e s

Daarin werd eerst het Noorse Viking F.K. uitgeschakeld (tweemaal winst 0 - 2 en 3 - 0). Men had
meer moeite met het Portugese C.F. Estrela da Amadora (2 - 0 winst at home en 1 - 0 verlies
away). In de kwartfinale was het Italiaanse F.C. Juventus te sterk, het won 1 - 3 in Luik en in
Turijn werd het 3 - 0. Meteen het laatste Europese optreden van R.F.C. Liégeois. Men nam
trouwens negen maal deel aan een Europese competitie.

Vijf opeenvolgende seizoenen in de Beker der Jaarbeurssteden. Drie keer in de U.E.F.A. beker
en ten slotte die ene keer in de Europese Beker der Bekerwinnaars. Het hoogste wat bereikt werd
was de halve finale in de Jaarbeursstedenbeker. In 1963-1964 schakelde men in de 1/8 finale
Arsenal uit, 1 - 1 en 3 - 1, en geraakte tot in de halve finale waarin Real Zaragoza het in drie
wedstrijden won ! De latere bekerwinnaar verloor op Rocourt met 1 - 0 maar won in Zaragoza met
2 - 1 … neen de gescoorde doelpunten op verplaatsing telden nog niet mee ! Er werd dus een
“testwedstrijd” gespeeld, in Zaragoza, die door de thuisploeg met 2 - 0 gewonnen werd. Het
volgende seizoen, 1964-965, kreeg men de finalist van het vorige seizoen als tegenstrever (had
met 2 - 1 verloren van Real Zaragoza in Barcelona), … Valencia C.F. ! In Spanje werd het 1 - 1,
op Rocourt werd met 3 - 1 gewonnen. D.O.S. Utrecht was de volgende tegenstrever, R.F.C.
Liégeois won tweemaal met 2 - 0. In de 1/8 finale trof men opnieuw een Spaanse club, Atlético de
Madrid. Op Rocourt wordt gewonnen (1 - 0) maar in Madrid met 2 - 0 verloren ! In 1965-1966,
1966-1967 en 1967-1968 volgden nog drie Jaarbeurssteden deelnames, waar we niet verder op
ingaan want vroegtijdig uitgeschakeld.

Om af te sluiten de drie deelnames aan de U.E.F.A. Cup. In 1985-1986 ging men twee rondes
mee, uitgeschakeld door Athletic Bilbao door tweemaal verlies (0 - 1 in Rocourt en 3 - 1 away). In
1988-1989 ging men zelfs drie ronden door. Men schakelde in de derde ronde zelfs Benfica
Lissabon uit, 2 - 1 in Luik en 1 - 1 in het Estadio da Luz. In de 1/8ste finale was Juventus F.C. te
sterk, alhoewel minimaal want tweemaal 1 - 0 winst. In 1989-1990 ten slotte geraakte men het
verst. Vooral de zege in de tweede ronde tegen het Schotse Hibernian F.C. maakte indruk. Na de
0 - 0 in Edinburgh bleef in de terugwedstrijd in de Velodroom van Rocourt de brilscore ook lang
op het scorebord … tot Jean-François Desart met een geweldige trap van diep op het middenveld
de 1 - 0 op het scorebord bracht. In de volgende ronde ging Werder Bremen op de hoogvlakte
van Rocourt met 1 - 4 winnen … de 0 - 2 zege in Bremen was knap maar onvoldoende en
betekende de uitschakeling. Voor het ogenblik is een nieuwe Europese campagne voor R.F.C. de
Liège nog een verre droom … !

Marcel Dingemans

GOUDEN RELATIES

Dakota Vastgoed MIG Motors Declercq Delikip Johan Desmet Versele-Laga AB Inbev Messer Rabotvins